Amsterdamse wielerbanen

Geschiedenis van de Amsterdamse wielerbanen

Tussen 1870 en 1880 werden in Engeland de houten velocipedes -na lang gebruik- vervangen door stalen fietsen. Tegelijkertijd ontstond de wielersport. Beoefent met allerlei soorten fietsen. Met tweewielers, driewielers, maar ook bi’s. Op de weg en ook op banen. Met kampioenschappen natuurlijk. Niet alleen in Engeland, want intussen waaide de wielersport over naar het vasteland en dus in naar ons land. Zo won de Rotterdammer Antoine Kiderlen (17 jaar oud) in 1885 de eerste Nederlandse kampioenschappen op de baan. Plaats onbekend.

Op zaterdag 21 juni 1890 werden achter het Rijksmuseum in Amsterdam nationale en internationale wedstrijden gehouden op een nieuw aangelegde aarden baan. Een voormalige paardenbaan. Dat was op het terrein van de voormalige wereldtentoonstelling. Georganiseerd door de Wielerwedstrijd-Vereeniging Amsterdam. De avond ervoor werd daartoe in het Americain-Hotel een feestelijke bijeenkomst gehouden.

Precies vijf jaar (1895) later start men op hetzelfde terrein met de bouw van een houten baan. Deze vervangt de aarden baan. Alweer een jaar later verhuist deze kennelijk demontabele baan naar het Willemspark, compleet met overdekte tribune en clubhuis. Een baan dus waar wedstrijden op werden gehouden.

Niet iedereen was toen in het rijke bezit van een rijwiel en wie wilde leren fietsen kon vanaf 6 november1895 terecht in het Paleis van Volksvlijt. Een initiatief van de fietsenhandelaar J. Leonard Lang, wiens Velodrome-Compagny de concertzaal van het paleis afhuurde. Ook voor wedstrijden! Door de opkomst van de wielerbanen taant de belangstelling echter en wordt in 1904 het velodroom aan het Frederiksplein gesloten

Intussen werd aan de Hobbemastraat een gebouw neergezet voor de rijwielschool ‘Velox’. Eerst reed men tijdelijk in lokaal Vondel. Tot 27 juli 1898. Toen werd de rijwielschool ‘Velox’ geopend. Liefst 1500 vierkante meter was de zaal groot. Het fietsen op de openbare weg raakte meer en meer ingeburgerd en werd ook deze school in 1908 gesloten. In 1912 werd het gebouw weer in gebruik genomen. Als het Zuiderbad. Op dat moment een van de grootste overdekte zwembaden van Europa

In december 1898 wordt een groot gedeelte van de overkapping van de tribune van de baan aan het Willemspark door storm weggeslagen. In het najaar van 1900 verhuist de baan naar de Zeeburgerdijk. Ter hoogte van de huidige Molukkenstraat. Op 17 en 18 augustus 1901 wordt de Grand Prix van Amsterdam verreden. Door een politieverbod mogen er echter geen races meer worden gehouden. Daar wordt een mouw aangepast en is de baan op Zeeburg vanaf 1902 de baan waar de Nederlandse kampioenschappen en vele Grand Prix worden verreden. Tot 1915 blijft de baan in gebruik, maar wordt in 1917 afgebroken.

Intussen is het Amsterdamse Stadion neergezet in 1914. Zonder baan weliswaar, maar met verlichting. Pas in 1918 legt men een 400 meterlange turfbaan neer. Deze wordt een jaar later alweer vervangen door een demontabele houten wielerbaan. In 1923 bouwt De Germaan een baan op Sloterdijk.

Het oud Stadion voldoet intussen niet meer en bouwt Amsterdam aan de overzijde van het Stadionplein een geheel nieuw stadion. Het Olympisch Stadion dat in 1928, waarin dat jaar de Olympische Spelen worden gehouden. Met een wielerbaan van 400 meter lang.

De gebroeders Veldkamp openen op 22 juli 1934 de enige 200 meterlange houten wielerbaan van ons land in Duivendrecht. De VEKA-baan. Twee jaar later bouwt Olympia een baan in Badhoevedorp. Deze wordt 13 april 1936 geopend. De Olympianen vieren in 1941 nog wel hun eerste lustrum, maar dan verdwijnt de baan in de volgende oorlogsjaren als brandhout in de potkacheltjes. Toch besluit de baancommissie van Olympia in 1944 dat er een nieuwe baan moet komen. Maar dát gaat even duren. Joris van den Bergh meldt in 1949 dat de gemeente Amsterdam van plan is om een baan en een wegparcours te bouwen in…ja wel, Sloten.

Intussen hebben de wieleractiviteiten in het Olympisch Stadion in de zestiger jaren tot vele hoogtepunten geleid. Met WK’s in 1959 en 1979. Maar komt er in 1982 definitief een eind aan de wielersport in het Olympisch Stadion. Duizenden Amsterdammers (renner of toeschouwer) zal met terechte weemoed terugdenken aan de sfeervolle populaires en andere wedstrijden. De nationale baankampioenschappen zijn de laatste wedstrijden in dat jaar.

Hoe het zij; Intussen is in 1972 het plan uit 1949 verwezenlijkt voor de enige houten 200- meterbaan van ons land. Nog onoverdekt. Maar daar maakte een groep wielerliefhebbers (vanaf 1989 actie voerend) een eind aan onder het motto; de parapluie er op.
In 1997 gaat daartoe de eerste paal de grond in en opent het Velodrome Amsterdam op 5 september 1998 officieel haar poorten. Met als resultaat in 2001 na ruim dertig jaar weer een Amsterdamse zesdaagse. Die verliep succesvol en stond het jaar er op de tiende voor de deur. Van maandag 21 tot en met zaterdag 26 oktober in een geheel gerenoveerd en verwarmd Velodrome Amsterdam. Zonder twijfel was de start van die tiende zesdaagse van Amsterdam een nieuwe mijlpaal in de ‘Geschiedenis van de Amsterdamse wielerbanen’.