Logo
Nieuwsbrief ontvangen?
  • Home
  • Over ons
    • Organisatie
    • Charity partner
    • Aanmelden vrijwilliger
    • Baanclinics
    • Locatie
  • Sportinfo
    • Programma
    • Renners
    • Koppels
  • Tickets
    • Algemene informatie
    • Prijzen
    • Bestellen
  • Media
    • Accreditatie
    • Downloads
    • Fotoboek
    • Perscontacten
    • Video
  • VIP
    • Algemene informatie
    • Bestelformulier VIP-catering
  • Sponsoren
    • Sponsoren 2011
    • Sponsorbrochure
  • Zesdaagse uitleg
    • Wat is een zesdaagse
    • Wedstrijdonderdelen
    • De baanfiets nader bekeken
    • Historie
    • Archief
  • Contact
    • Secretariaat
    • Locatie
Home / Zesdaagse uitleg / Archief

Archief

Toekomst dankzij rijke geschiedenis

Door Hans Ruggenberg (De Telegraaf)

Een sprong in het diepe, zo kon de herstart van de Zesdaagse van Amsterdam in 2001 wel genoemd worden. De wielersport op de piste was jaren terug gestorven en ver onder de grond gestopt. Het organiseren van de ‘Six’ in Amsterdam op dat moment was een groot risico met bijna een zekere verdrinkingsdood, zo wisten de critici wel zeker. Er was geen enkele basis voor succes en het ontbreken van een verwarming zou in het ijskoude Velodrome al helemaal niet bijdragen aan een warme ambiance. Zes dagen later bleken alle scepsis ongegrond. Het tienjarige jubileum (na de herstart) in oktober van dit jaar is daarvan het tastbare bewijs. De zesdaagsen floreren als nooit tevoren in ons land en dat is eigenlijk te danken aan die ene editie in 2001. Als dat een flop zou zijn geweest, zouden die van Rotterdam, Apeldoorn en Brabant waarschijnlijk momenteel ook geen bestaansrecht hebben. In dat jaar is de basis gelegd voor het huidige succes, waar met recht gezegd mag worden dat Zesdaagse-directeur Frank Boelé daar een groot aandeel in heeft. Juist hij durfde in een moeilijke periode voor de weg van de meeste weerstand te kiezen. 

En zie nu. Elk jaar wordt de grauwe herfstmaand oktober zes dagen lang het Velodrome omgetoverd tot een feestzaal. Het idee was om de sfeer te creëren van een Amsterdamse kroeg en elke keer slaagt de organisatie daar ook weer in. Een combinatie van topsport en entertainment is de doelstelling. De editie van 2009 was daar opnieuw een perfect voorbeeld van. Rond de klok van zes uur al druppelen de eerste bezoekers binnen, waarna de zaal langzaam aan volloopt. De echte kroegsfeer krijgt vorm om een uur of negen. Er wordt gegeten en gedronken. Op de hoek van de bar raken mensen met elkaar in gesprek. Om een moment later een blik op de piste te werpen waar het peloton zich uit de naad werkt. Armen gaan in de lucht. Bij elk gewonnen onderdeel gaat het publiek uit zijn dak. Een staande ovatie wordt er gegeven als de sprinters elkaar tot het uiterste drijven. Ondertussen worden op het middenterrein visitekaartjes en telefoonnummers uitgewisseld. Tijd voor een bittergarnituur als om kwart over elf de laatste koppelkoers van de avond wordt verreden. De spanning en gezelligheid houdt iedereen tot het slot in het Velodrome. En zoals in elke goede Amsterdamse kroeg gaat het feest tot in de nachtelijke uurtjes door. En dat topsport hoog in het vaandel staat, wordt bewezen door de grote namen die door de jaren heen de piste in het Velodrome beklommen. Bradley Wiggins, Erik Zabel, Paolo Bettini, Servais Knaven, Theo Bos, Juan Llaneras, Frank VanderBroucke, Leon van Bon, Chris Hoy, Peter Schep, Robert Slippens, Bruno Risi en Danny Stam zijn een greep uit de sterren die zich aan het Amsterdamse publiek toonden. 

Met zo’n geschiedenis, die zijn oorsprong kent in 1932 met de eerste editie in de RAI, mag een bijzondere editie dit jaar niet ontbreken. Voor de tiende keer een Zesdaagse op rij organiseren na de herstart verdient een groots feest. Een wielerfeest dat getuige het huidige succes zeker nog tien jaar een toekomst heeft.

 

Over een avond op een zesdaagse

Door Bert Wagendorp (Volkskrant) Gisteravond was ik, samen met andere vrienden van het literaire wielertijdschrift De Muur, te gast op de Zesdaagse van Amsterdam. Ik was nog nooit bij een Zesdaagse geweest en ging vol vooroordelen naar Amsterdam. De Zesdaagse, dacht ik, is een showspektakel waar de sport op de allerlaatste plaats staat, ver achter spanning, sensatie, fake-duels, harde muziek, laserstralen en de walm van bier en braadworst. Dit bleek inderdaad het geval (hoewel het in de wielerhal van Sloten meer rook naar wijn en lekkere spijzen), op één element na. Sport stond niet op de laatste plaats. Sport stond glorieus op de eerste plaats. Dat was verrassend. Toen ik om zeven uur door het gangetje onder de baan door op het middenterrein arriveerde, betrad ik een andere wereld. Het is moeilijk precies te omschrijven wat er met me gebeurde, maar als ik zeg dat ik me plotseling in een door vreemde middelen opgeroepen psychedelische droom leek te bevinden, hoop ik dat u enigszins begrijpt wat ik bedoel. Ik was binnengetreden in een fascinerende wereld, waar opmerkelijk jonge gastjes (baanrenners lijden kennelijk niet onder de bij wegrenners optredende snelle veroudering) als bezetenen in de rondte fietsten. Er waren koppelkoersen, aflossingskoersen, afvalkoersen, sprints, dernywedstrijden, scratch-wedstrijden en god mag weten wat nog meer voor wedstrijden. Hoe speaker en juryleden de tussenstand wisten bij te houden, was me een raadsel. Maar de stand deed er ook niet zo veel toe. Waar het om ging was de duizelingwekkende snelheid waarmee de pistiers op één meter van je bordje met gerookte zalm de steile wand aanvielen. Zij bereikten snelheden van boven de zeventig kilometer per uur, verzekerde mij de kenner Tim Krabbé, die onlangs zelf ook een baanfiets aanschafte en die er dus over kan meepraten. Ik zwoer dat ik mij nooit op een fiets op de baan zou begeven, niet eens met twintig per uur. Ik begreep niet hoe de mannen de avond doorkwamen zonder één enkele valpartij. Vooral gezien het feit dat hun fietsen niet zijn voorzien van een rem, het gedrang in de eindsprints onvoorstelbaar is en de slinger waarmee koppelgenoten elkaar in volle finale op snelheid brengen veel weg heeft van de beweging waarmee kogelslingeraars de kogel lanceren. De Zesdaagse ruikt naar gevaar, een aangename geur. Aan het eind van de avond besloot ik dat ik de Zesdaagse een hele mooie combinatie vind van sport en entertainment. Als het met de sport toch de amusementskant op moet, dan maar zo, in een traditie die al meer dan een eeuw oud is. Hard fietsen, stampmuziek, een mooie zangeres tussendoor en voortreffelijke catering, ik heb wel eens minder plezierige avonden meegemaakt. Of er tijdens een Zesdaagse wel pure en eerlijke sport wordt bedreven weet ik niet. Als het zo is, is dat alleraardigst en goed voor de sportieve normen en waarden. Als dat niet zo is, hebben we hier te maken met een superieure en zeer speciale vorm van sporttheater, waarover we ons ook zeer kunnen verheugen. Mogelijk is sprake van een mengvorm, en dat is helemaal bijzonder. Ik ga straks ook een avond naar de Zesdaagse van Gent. In het Kuipke, zei de Vlaamse Muur-schrijver Herman Chevrolet, is de Zesdaagse nóg specialer dan in Amsterdam. Ik ga ook naar de Zesdaagse van Rotterdam en volgend jaar naar de Zesdaagse van Maastricht. Je reinste rock & roll, de Zesdaagse.

 

Zes dagen lekker zappen

Door Edward Swier (GPD-bladen / Parool)

 De zaterdag is, zoals dat vroeger wél het geval was, allang geen onderdeel meer van de reguliere schoolweek. En de werkweek, traditioneel van maandag tot en met vrijdag, is voor velen inmiddels al een vierdaagse geworden. Sommige dingen zullen echter altijd bij het oude blijven. De Zesdaagse, de Wielerzesdaagse welteverstaan, bestaat – de naam zegt het al - nog steeds uit zes wedstrijddagen. Al zijn ook hier, gelukkig, wel veranderingen doorgevoerd. 

Met de terugkeer van de Zesdaagse in Nederland – we zijn inmiddels alweer tien edities in Amsterdam verder – heeft het evenement een veel vriendelijker gezicht gekregen. Voor zowel de renners als (en dat was om het een succes te laten worden vooral belangrijk) voor het publiek. Snel, flitsend, avontuurlijk, afwisselend, uitdagend. Dat zijn tegenwoordig de steekwoorden van een evenement dat vroeger vooral een uitputtingsslag, voor de coureurs en toeschouwers, was. In het begin van de vorige eeuw was de Zesdaagse, zo wil de overlevering, een waanzinnig evenement. Het werd in New York vanwege het gevaar voor de volksgezondheid zelfs verboden. Renners stapten, na zes dagen in het zadel te hebben gezeten, krankzinnig – inderdaad, vaak letterlijk krankzinnig – af. Niet alleen onbekend met wat zich die week buiten de poorten van de wielerbaan had afgespeeld, maar ook nog eens volledig in een eigen wereld. Een wereld vol van spookbeelden, hallucinaties, waanideeën en fysieke uitval. Renners zaten in die jaren immers, gelukkig zo nu en dan nog wel afgelost door hun koppelmaat, de volle zes dagen op de fiets. Het kwam hun gezondheid niet ten goede. Het leverde weliswaar prachtige verhalen op, vergelijkbaar met de lofdichten over de eerste klimmers in de Tour de France, maar het was vanzelfsprekend geen fraai kijkspel. Zo nu en dan was het, tijdens de belangrijkste jachten, spannend. Het merendeel van de uren echter doodsaai. 
Dat nu is tegenwoordig zoveel anders. Er is een hoop veranderd sinds die tijd. De Zesdaagse van vandaag de dag is moderner en zoveel menselijker. Voor renners en publiek. Immers, wat is de lol ervan om naar traag voortpeddelende coureurs te kijken. De Zesdaagse anno 2010 is zes dagen zappen. Snelle, spectaculaire nummers, sprintjes, tijdritjes, koppelkoersen, afvalraces. Wie even niet oplet is weliswaar de draad kwijt, maar wordt een paar minuten later alweer verrast door een nieuw programmaonderdeel. Saai wordt het, zelfs voor de MTV-generatie, nooit. 

In 2001, de piste op sportpark Sloten was nog niet eens zo lang overdekt, begon het allemaal opnieuw. Die eerste dag, de elfde september, was natuurlijk een hele bizarre. Maar zoals de wereld na die dag veranderde, was na die avond ook het wielerlandschap flink opgeschud. De eerste editie van de Zesdaagse van Amsterdam was weliswaar qua toeschouwersaantallen nog geen groot succes, de aandacht voor Het Evenement was gewekt. En duidelijk was: wie een keer langs is geweest, komt ongetwijfeld nog eens. Het is dan nog slechts een kleine stap om écht te genieten. Wie een tijdje wat beter kijkt, begint namelijk de verschillen te zien. Ik geef toe, het vraagt wat oefening, maar op een gegeven moment kan je – mede omdat je er als kijker bovenop zit, en beter dan in welke sport ook – zien wie nog fris zit, wie als het ware fluitend de pedalen streelt. En ook: voor wie de kilometers wel beginnen te tellen. Het is een kwestie van lichaamstaal. En, voor u als kijker, een reden de ogen goed de kost geven. De Zesdaagse is veel meer dan eindeloos rondjes rijden. Bruno Risi kroop, hoe lekkerder hij zich voelde, juist steeds verder in elkaar. Het hoofd diep tussen de schouders. Matthé Pronk legt bij volle inspanning het hoofd altijd schuin op de schouder. Voor Peter Schep, Pedaleur de Charme, lijkt het simpelweg nooit moeilijk te worden. Danny Stam is een renner van de oude stijl, diep in de beugels en, als het zwaar wordt, ook zichtbaar vermoeid. Sommige dingen veranderen namelijk, gelukkig, nooit.

 

Voorgaande editie 2009

Eerste Duitse winst in Zesdaagse van Amsterdam

Vooraf waren ze al sterk favoriet, Robert Bartko en Roger Kluge. En de kersverse Europese kampioenen koppelkoers maakten die rol tijdens de 17e Zesdaagse van Amsterdam ook waar. Gelijk vanaf de start lieten de Duitsers zien dat ze gekomen waren om te winnen. Voor het eerst samen lijkt het een koppel dat de komende maanden zeker nog eens gaat uitpakken. Met hun Europese titel, kort voor de start van het zesdaagsencircuit in Gent behaald, deelden Bartko en Kluge al een psychologisch tikje uit aan de concurrentie. Naast Bartko is Kluge een welkome aanvulling in het peloton. Amsterdam is zijn eerste zege, terwijl Bartko's erelijst er 13 kent. Had de concurrentie dan helemaal geen weerwoord? Wel degelijk, want pas in het laatste kwartier kregen zij een ronde achterstand aan de broek. Vooral Risi & Marvulli waren belust om Risi's afscheid van de piste met een zege te vieren. En Stam & Lampater wilden zich ook niet zo maar naar de slachtbank laten leiden. Maar hun slotoffensief kreeg nauwelijks ruimte omdat het tempo in de laatste koppelkoers schrikbarend hoog lag en elke ontsnapping daardoor min of meer een zelfmoordpoging was.

Vooraf was duidelijk dat vier topkoppels de toon zouden aangeven. Naast de drie genoemde koppels zorgden ook de Belgen Keisse en DeKetele voor vuurwerk. Theo Bos en Peter Schep werden wel als koningskoppel geafficheerd, maar het was natuurlijk niet reëel om dit duo al met een favorietenrol op pad te sturen. Dat Theo Bos door Schep steeds naar de snelste tijd op de koppeltijdrit werd gekatapulteerd deed het publiek meerdere malen van de banken komen. "De weg heeft nu mijn voorkeur, maar het is voor mijn ontwikkeling heel goed om op de piste bezig te blijven. Prima voor mijn snelheid en het is gelijk een goede training", aldus de oud-wereldkampioen sprint die volgens wedstrijdleider Patrick Sercu na een aantal zesdaagsen zeker voor de eindwinst kan gaan

Sercu richt zijn focus met directeur Frank Boelé op de aanstormende wielerjeugd. "Wij willen jonge renners een kans geven. En hoewel het moeilijk is om daarmee sponsors binnen te halen, hebben we toch een goed veld kunnen contracteren. En die jonge coureurs hebben zeker hun kans gegrepen", aldus Boelé, die het betreurt dat er zoveel zesdaagsen zijn afgehaakt. Op dag 1 was de eerste winst voor Traksel-Veldt op de puntenkoers, waarna Bos-Schep de koppeltijdrit en Risi-Marvulli de afvalrace voor zich opeisten. Bartko-Kluge wonnen de afsluitende koppelkoers met een ronde voorsprong en nestelden zich zo op kop van het klassement. Ook na dag 2 bleef die positie gehandhaafd. Risi-Marvulli en Stam-Lampater kwamen aanvankelijk op gelijke hoogte, terwijl Bos-Schep, Pronk-Pronk en Van Bon-Stroetinga al op een handvol ronden werden gereden. Bartko-Kluge fietsten zich over de klip van de 100 punten, waarmee ze een bonusronde verdienden én de koppositie in het klassement.

Op dag 3 staken Aart Vierhouten en Jens Mouris hun neus aan het venster in de puntenkoers. Later op de avond kreeg 'Aartje' een waardig afscheid. Rijdend langs een erehaag van alle deelnemers werden hem mooie woorden toegesproken, waarna hij zelf ook de microfoon pakte om zijn fans te bedanken. Dat Bos snel leerde van maatje Schep bleek toen de eerste koppelkoers werd gewonnen. Een andere debutant, Arno van der Zwet, maakte indruk op de afvalkoers. De nationale kampioen puntenkoers greep zijn kans op winst in zijn eerste zesdaagse, terwijl het duo Bartko-Kluge aan de leiding bleef. Dag 4 bracht Stam-Lampater op punten aan de leiding voor Risi-Marvulli, terwijl Bartko-Kluge op één toer als derde volgden. Stam-Lampater verloren echter op dag 5 de aansluiting, waarna de Helveten Risi-Marvulli voorop kwamen. Met een riante voorsprong op de rest van het veld begonnen Stam-Lampater, Bartko-Kluge en Keisse-De Ketele op de finale¬avond aan een rondedans om de Zwitsers in de kraag te vatten. Het resultaat was dat ze in elkaars spoor bleven, maar dat Bos-Schep en Van Bon-Stroetinga drie van hun vier handen nodig hadden om hun ronden achterstand te tellen. 
De ultieme poging van Stam-Lampater werd teniet gedaan, waarna Bartko en Kluge aan hun opmars naar de verdiende eindwinst -de eerste voor een Duits koppel in Amsterdam- konden beginnen. Met Risi-Marvulli -ook van Risi werd stijlvol afscheid genomen- en Stam-Lampater zag het Amsterdamse podium er op zaterdagavond prima uit.

De Bar-le-Duc Zesdaagse bij de vrouwen werd beheerst door Vera Koedooder en Kirsten Wild. Ondanks behoorlijke tegenstand van Knetemann-Pieters en Heijmans-Higgens wisten zij vier ronden voorsprong te nemen, terwijl er ook op punten geen maat stond op het duo.

Wereldkampioen sprint Baugé beste
In het sprinttoernooi wist Teun Mulder wereldkampioen Baugé een paar keer af te troeven, maar moest hij de eindzege aan de Fransman laten. Mulder rijdt voor het baanteam van Cofidis. "Ik werd in september benaderd door Arnaud Tournant. Een complete verrassing, omdat Cofidis alleen maar Fransen in de ploeg opnam. Ik ben er dus best trots op dat ik nu de eerste buitenlander ben." Het toernooi stond in het teken van zijn voorbereiding op de World Cup in Manchester. "Amsterdam paste perfect in de opbouw van mijn seizoen. De eerste drie World Cups rijd ik in de kleuren van Cofidis. De andere wedstrijden blijf ik rijden in het oranje van de KNWU selectie." De VVBW Cup achter derny's, werd gewonnen door Servais Knaven, die Michael Boogerd naar de tweede plaats verwees.

UIV en Mini-3 daagse weer succes
De Zwitsers Marguet-Dilier hielden Markus-Havik op punten achter zich in de UIV Cup. De Nieuw-Zeelanders Archbold en Scully wisten in hun spoor te blijven, terwijl de rest van het veld op één of meer ronden strandde. De Mini-Driedaagse werd een prooi voor de jonge Nederlanders André Looij en Thijs Leygraaf voor de Duitsers Sören Laga en Nils Politt, die ondanks winst in de laatste koppelkoers 12 punten tekort kwamen voor de eindwinst. De derde plaats was voor de Belgen James Bayens en Tiesh Benoot.



Vrouwen: 
1. KoedooderlWild 215 p 
2. op 4 ronden: Knetemann/Pieters 128 p 3. op 5 ronden Heijmans/Higgens 81 p 4. op 6 ronden: Trott/Colclough 59 p 5. op 8 ronden: KesslerlWolfer 93 p 6. De Vroomel Van Wesdonk 28 p 
7. op 9 ronden: Van Steenis/Cizgin 27 p 8. op 13 ronden: Booth/Mi/ler 13 p 9. op 12 ronden: MarkusNan Hoek 43 p 10. op 14 ronden: BoskampNan Dijk 6 p 11. op 17 ronden: Van Nek/Meiering 0 p  Eindstand Sprint Cup: 1. Gregory Baugé; 2. Teun Mulder; 3. Yondi Schmidt

Robert Slippens en Danny Stam helemaal terug op topniveau

Door Bertus Raats


Na een reeks van podiumplaatsen sinds de Zesdaagse van Amsterdam weer op gestart werd in 2001 hebben Danny Stam en Robert Slippens voor de derde maal de Amsterdamse Six, de zestiende editie, op hun naam geschreven. Stam deed dat in 2006 nog met Peter Schep omdat Slippens een zware val had gemaakt en maanden buiten spel stond. Vorig jaar probeerde het duo weer de aansluiting te krijgen en dat leek met de tweede plaats achter Iljo Keisse en Robert Bartko te lukken. Maar Slippens’ herstel was nog niet voltooid, haakte toch af en maakte Danny Stam het zesdaagsenseizoen 2007/2008 met verschillende partners af. Waarbij zijn zege met het Duitse aanstormend talent Leif Lampater in Rotterdam de Zaankanter voldoende moraal gaf hoop te houden.

Beiden bewezen vorige week dat die hoop niet tevergeefs is geweest. Robert Slippens is weer helemaal terug en hebben de ‘Vliegende Hollanders’, zoals hun bijnaam in de Duitse Sechstagen luidt, gedurende zes dagen de ‘volle bak’ in het Velodrome Amsterdam tot onhollandse vervoering en extase gebracht. 
Het deelnemersveld was immers van hoog gehalte en klasse. Wat wil je; de complete zesdaagsentop met als publiekstrekkers de wegcracks Erik Zabel en, al vanaf de eerste minuut, meer dan gebruikelijk was op het Mokums hout. Dertien koppels en was de prognose dat Slippens/Stam tot de favorieten behoorden. Een rol die zij van meet af aan waar maakten. De eerste dag sloten zij af aan de leiding op punten. In dezelfde ronde verkeerden Risi/Marvulli, Keisse/Bartko, Zabel/Lampater en de voormalige Europese madison-kampioenen Peter Schep en Jens Mouris. Op de tweede dag kregen beide vaderlandse duo’s een ronde aan de kleurige koersbroek en bleven ook achter op punten. Risi/Marvulli hadden een hele goede dag en leidden de dans op het eind van de avond. De dagen er op wisselden de posities voortdurend en nam ieder favorietenkoppel de kans zijn gezicht te laten zien. En dat ieder avond voor een volle bak. Geweldig enthousiast publiek. Niet alleen uit Amsterdam maar uit het hele land. Zaterdagavond bewezen de vele touringcars op het parkeerterrein dat. Kortom, de Zesdaagse van Amsterdam werd ook nu weer verreden in een bijzondere ambiance, die op de slotavond zijn ontknoping kende. Bloedstollender kon nauwelijks zoals Robert Slippens er in de allerlaatste beslissende eindsprint van de 16e Zesdaagse van Amsterdam dé sprinter Erik Zabel er op legde. De derde overwinning, na 2002 en 2003, in de Zesdaagse van Amsterdam met zijn vaste maatje Danny Stam was een feit. Het publiek veroorzaakte na de gewonnen sprint bijna een tsunami in het bomvolle Velodrome Amsterdam. Het was een toch verrassende ontknoping van de 16e Zesdaagse van Amsterdam. Natuurlijk iedereen hoopte dan de ‘witte Icova-leeuwen’ het zouden halen, maar dat zag er heel lang niet naar uit. 

De winnaars van vorig jaar Keisse/Bartko reden voor de aanvang van de finale-madison fier aan kop met 313 punten. De enige kans voor de concurrentie lag in rondenwinst. En dat gebeurde. Nadat de eerste puntensprint was verreden, demarreerden Slippens/Stam. Zij hadden zich niet bemoeid met de sprint, maar waren wel mee geslopen; wat heet met een snelheid van tegen de 70 km/h. Hun ontsnapping kreeg steun van Zabel/Lampater en moesten Keisse/Bartko, fel op kop van de jagende meute, uiteindelijk toch het hoofd buigen. Zabel/Lampater en Slippens/Stam pakten naast het maximale aantal punten in de sprints ook een ronde voorsprong en moesten de twee laatste sprint de beslissing brengen, Zabel pakte de voorlaatste en dus één punt verschil in het voordeel van het Duitse koppel. Wie gaf er nog wat voor de kansen van Slippens/Stam in die slotsprint? En toch gebeurde het. Op de streep werd de eindzege in een niet te beschrijven ambiance bevochten met slechts één puntje verschil. Robert Slippens; ,,In de counter moest ik het proberen en dan ook nog Zabel in de finale kloppen. Ik dacht dan maar dood, ik moést er over heen.”. Danny Stam; ,,Ik wist dat als ik Robert goed in het wiel zou afzetten dat hij Erik er op kon leggen. Hij is zo gebrand en weer helemaal terug. Dit is een echte comeback. Slippens/Stam zijn er gewoon weer”.

Tenminste dat dachten we. Na de Zesdaagse van het Noorden in Zuidlaren besloot Robert Slippens een punt achter zijn imposante wielerloopbaan te zetten. Met Danny Stam wist hij in Zuidlaren nog de volle winst binnen te halen, maar ‘het lijf herstelt niet meer zoals vroeger’. Een heel moeilijke beslissing die door iedereen gerespecteerd wordt. 
Robert en Danny; als koppel hebben jullie iedereen volop laten genieten en de Amsterdamse zesdaagsen tot en met 2008 tot onvergetelijke evenementen gemaakt. Robert; het ga je goed en nogmaals bedankt voor de vele prachtige uren in het Velodrome Amsterdam.

oktober 2008

 

Voorgaande editie: 2007

Vijftiende Zesdaagse van Amsterdam groot succes. 
(door Bertus Raats)

De kruitdampen van de 15e Zesdaagse van Amsterdam zijn opgetrokken en kan de balans worden opgemaakt van een zeer geslaagd te noemen topevenement. Of zoals Zesdaagsedirecteur Frank Boelé vindt; ‘het gezelligste sportevenement van Amsterdam’ heeft zijn naam waar gemaakt. Weer meer bezoekers passeerden de kassa’s van 22 tot en met 27 oktober. Dat kwam niet in de laatste plaats door de komst van de bekende Duitse vedette Erik Zabel. Een erelijst van hier tot Tokio en daarop ook een groot aantal zesdaagsenoverwinningen, want de Duitser was niet alleen aangetrokken om publiek te trekken, maar om datzelfde publiek ook waar voor z’n geld te geven. En dat heeft Zabel van dag tot dag waar gemaakt met zijn koppelgenoot onze landgenoot oud-wereldkampioen op de puntenkoers Peter Schep.

Schep won verleden jaar met Danny Stam de Zesdaagse van Amsterdam. Hij verving toen de zwaar geblesseerde Robert Slippens die maanden ‘out of competition’ was. Maar dit jaar was het gevierde koppel weer samen. In  een goede vorm, maar moest nog blijken hoe goed Slippens was na zijn lange blessureperiode. Ook dat was een reden voor de wielerliefhebber dat met eigen ogen te komen zien. En zijn ze niet teleurgesteld.Vanaf dag één speelde het thuiskoppel mee voor, op z’n minst, een podiumplaats.

Volle tribunes, een overvol middenterrein voor vip’s, de vele sponsors, die naast de geboden topsport genoten van een hapje en een drankje, artiesten die hun hart uit het lijf zongen én spannende wedstrijden. Zij vormden de entourage waarin de nationale en internationale topvedetten met alle inzet hun talenten probeerden te vertalen in veel punten en vooral ronden voorsprong nemen. Op de finaleavond bleek wie de ‘blankste billen’ hadden. Pas in de slotfase, waarin de Top4, Risi/Marvulli, Slippens/Stam, Zabel/Schep, én Keisse/Bartko alles gaven, viel de beslissing in de allerlaatste koppelkoers ofwel madison. Sterker nog, de allerlaatste sprint moest de beslissing brengen.

Daarin leken Slippens en Stam hun comeback met de eindzege, gezien hun rijden gedurende de hele week terecht, te kunnen vieren. Maar dat was te mooi om waar te zijn. Dat vond het Belgisch/Duitse duo Iljo Keisse en Robert Bartko kennelijk ook en zij bleken in die allerlaatste meters van de vijftiende Zesdaagse van Amsterdam op de eindstreep net even sneller. Slippens en Stam waren emotioneel teleurgesteld, maar eigenlijk ook weer zeer tevreden. Vooraf zouden ze getekend hebben voor de tweede plaats, maar op deze manier verdienden zij van de ‘volle bak’ in het Velodrome Amsterdam alle respect.

Een apotheose die het grote succes van de afgelopen Amsterdamse Six volledig onderstreept. Met andere woorden; wie er deze maal niet bij is geweest, heeft niet alleen het gezelligste maar ook spannendste sportevenement van Amsterdam gemist. De zestiende Zesdaagse van Amsterdam opent in oktober 2008 weer het zesdaagsenseizoen. Zet maar vast in de agenda.

De eindstand van de 15e Zesdaagse van Amsterdam. 1. Keisse/Bartko (Bel/Dui) 352 p; 2. Slippens/Stam (Ned) 348 p; 3. Schep/Zabel (Ned/Dui) 256 p; 4. op 1 ronde Risi/Marvulli (Zwi) 327 p; 5. op 4 ronden Beikirch/Lampater (Dui) 128 p; 6. op 5 ronden Llaneras/Torrent (Spa/Fra) 108 p; 7. op 7 ronden Terpstra/Mouris (Ned) 167 p; 8. op 14 ronden De Ketele/Stroetinga (Bel/Ned) 179 p; 9. op 17 ronden Matthé Pronk/Hester (Ned/Den) 123 p; 10. op 23 ronden Vierhouten/Van Hummel (Ned) 76 p; 11. op 25 ronden Jos PronkGiling (Ned) 85 p; 12. op 30 ronden Traksel/Dekkers (Ned) 62 p.

 

Voorgaande editie: 2006

Danny Stam en Peter Schep werden winnaars van de 14e editie van de Zesdaagse van Amsterdam. Wereldkampioen puntenkoers Peter Schep verving de geblesseerde Robert Slippens. Na een derde plaats in Maastricht werd Amsterdam de eerste zege voor het koppel Stam/Schep. Voor Danny Stam betekende dit al zijn 3e overwinning in Amsterdam. Met een ijzersterk deelnemersveld was de 14e Six van Amsterdam er één om in te lijsten. Een spetterende finale was het gevolg. De topkoppels gaven elkaar geen meter. Uiteindelijk profiteerden Stam/Schep van een uitval van Llaneras en de in Gent verongelukte Galvez. Risi/Marvulli werden 3e wat betekenden dat er maar liefst 5 wereldkampioenen op het eindpodium in Amsterdam stonden.

De bijna 3000 toeschouwers in het Velodrome waren door het dolle heen. Danny Stam (35) en Peter Schep (29) maakten hun favorietenrol volledig waar in de zesdaagse van Amsterdam. Dat gebeurde in een zenuwslopende koppelkoers. Lange tijd leken Bruno Risi en Franco Marvulli op de zege af te stevenen. Maar ze capituleerden voor de splijtende demarrage van de Nederlanders op 23 ''toeren'' voor het einde. Die werd beloond met een ronde voorspong. Voor Stam betekende het zijn tiende zesdaagsezege, voor de stijlvolle Schep zijn eerste.

Huilend vielen Stam en de geblesseerde Robert Slippens (winnaars in 2003 en 2004) elkaar in de armen. Minutenlang konden ze geen woord uitbrengen. Hun tranen spraken boekdelen. ,,Het is gegaan zoals we hadden verwacht,'' jubelde Stam, nadat hij ook Peter Schep uitbundig had bedankt. ,,Wij werden doodziek van die Zwitsers,'' verzuchtte Schep. ,,De uitval van de Spanjaarden kwam voor ons als een geschenk. Samen konden we de winstronde behalen.'' De Zwitsers stonden er beteuterd bij. ,,Wij moesten ook de andere koppels in de gaten houden. Dat is ons te veel geworden,'' reageerde Marvulli. Risi dacht er het zijne van: ,,Ik ben bijzonder teleurgesteld.'' Dat was begrijpelijk, want Risi en Marvulli (''Het is heerlijk om met Bruno te rijden'') hadden het zich niet beter kunnen wensen. Ze hoefden als klassementsleiders niet aan te vallen en slechts de overige ploegen in de gaten te houden.

Iljo Keisse - gesteund door een flink aantal supporters - trof het niet dat hij vlak voor de finale aan Andreas Beikirch diende te worden gekoppeld. Beiden raakten door een valpartij hun partner (resp. Marco Villa en Robert Bartko) kwijt. De nieuwe combinatie moest volgens de regels met een ronde achterstand beginnen, waardoor ze vrijwel kansloos waren voor de overwinning.

Het wielerevenement werd weer een succes. Zo'n 13.500 toeschouwers passeerden de kassa''s van het Velodrome, duizend minder dan in 2005. Dat had volgens de tevreden organisatie alles te maken met de absentie van trekpleister Robert Slippens.

 

Voorgaande editie: 2005

In een finale die tot aan het eind toe spannend bleef, trokken Bruno Risi en Kurt Betschart aan het langste eind. Op acht minuten voor het eind slaagden ze er in om, samen met Slippens/Stam, de verliesronde op Gilmore/Keisse goed te maken. De puntensprints moesten de beslissing brengen. De verschillen waren minimaal, en door de slotsprint te winnen, schreven Risi/Betschart ook de Zesdaagse op hun naam.

Het podium: Slippens/Stam (2e), Risi/Betschart (winnaar), Gilmore/Keisse (3e) De slotavond begint met het Gentse koppel Matthew Gilmore/Iljo Keisse aan de leiding, met een ronde voorsprong op Villa/Marvulli, Slippens/Stam en Risi/Betschart. De eerste onderdelen van de slotavond staan in het teken van aftasten en puntjes verzamelen. De eindstrijd gaat tussen vier koppels, allen verzamelen ze hun punten, mogelijk dat er nog koppels in slagen om voor de afsluitende koppelkoers een bonusronde te verdienen. Tijdens het laatste uur worden er geen bonusronden meer uitgedeeld, de 300 punten zullen voor die tijd binnen moeten zijn om een ronde te verdienen.  

De finale koppelkoers, over 45 minuten plus 50 ronden, met daarin 5 puntensprints, begon dus met Gilmore/Keisse op voorsprong. De koppels met een ronde achterstand trokken direct fel van leer. Tot driemaal toe slaagden Gilmore/Keisse er in om de aanvallen te counteren en weer op voorsprong te komen. Direct na de derde geslaagde poging tot rondewinst gingen Robert Slippens en Danny Stam door voor een nieuwe rondewinst. Bruno Risi en Kurt Betschart reageerden alert, maar Gilmore en Keisse moesten op dat moment passen. Na een minutenlange jacht kwamen Slippens/Stam en Risi/Betschart terug tot in dezelfde ronde, en was het duidelijk dat de puntensprints de beslissing moesten brengen. Risi/Betschart begonnen met een kleine puntenachterstand, maar sprint na sprint liepen ze in. De winst van Bruno Risi in de slotsprint was ook beslissend voor de eindzege: Bruno Risi en Kurt Betschart kunnen de 13e Zesdaagse van Amsterdam op hun erelijst bijschrijven.

 

Voorgaande editie: 2004

Bij aanvang van de slotdag hadden Robert Slippens en Danny Stam een ronde voorsprong op de andere koppels. Al vroeg op de slaagden Scott McGrory en Franco Marvulli er in om negen puntjes bij elkaar te sprokkelen en ook een bonusronde te verdienen. Risi/Betschart en Gilmore/Vandenbroucke komen in de kleine koppelkoers terug in dezelfde ronde als de leidende koppels.

Na de dernyreeksen komt het bericht dat Frank Vandenbroucke met 39 graden koorts heeft opgegeven. Ook Stefan van Dijk is uit koers gegaan, wegens te veel last van blessures die hij twee dagen eerder bij een valpartij opliep. Hun koppelgenoten Matthew Gilmore en Franz Stocher vormen een nieuw koppel. Reglementair krijgen ze de plek van het best geplaatste koppel, plus één strafronde.

Slippens/Stam beginnen met 14 punten voorsprong op McGrory/Marvulli aan de finale. Risi/Betschart hebben te weinig punten en hebben rondewinst nodig om nog kans te hebben op de eindzege. Dat weten ze maar al te goed, tot viermaal toe gaan ze in de aanval. Slippens/Stam hebben het moeilijk, maar kraken niet. De laatste aanval van Risi/Betschart, direct na de eerste klassementssprint, lijkt kansrijk. Terwijl McGrory/Marvulli in een puntenstrijd verwikkeld zijn met Slippens/Stam, konden Risi/Betschart even uitblazen. Direct na de eerste klassementssprint trekken ze in de aanval. Die wordt succesvol afgerond, en Slippens/Stam hebben moeite om de verloren ronde weer goed te maken. McGrory en Marvulli moeten passen. Met nog 13 ronden op het bord sluiten Slippens/Stam aan bij het peloton. Bruno Risi en Kurt Betschart geven zich gewonnen, in de laatste ronden kunnen Robert Slippens en Danny Stam al aan hun feestje beginnen. Net als in het voorgaande jaar slagen ze in 2004 er in de Zesdaagse van Amsterdam op hun naam te schrijven!

 

Voorgaande editie: 2003

Al vroeg op de avond tijdens de ploegafvalkoers verdienen twee van de drie koppels die na de vijfde dag leidden een bonusronde. Matthew Gilmore verslaat Danny Stam in de eindsprint van de afvalkoers, maar beiden scoren voldoende punten voor een bonusronde, waardoor Risi/Betschart één ronde achterkomen. In de eerste koppelkoers van de avond maken ze die ronde echter weer goed. Op dat moment gaan Gilmore/McGrory aan de leiding met een kleine puntenvoorsprong op Slippens/Stam en een grote voorsprong op Risi/Betschart. In de andere onderdelen bouwen Gilmore/McGrory de puntenvoorsprong uit, onder andere door de dernyfinale te winnen. Dat betekent dat in de finale zowel Slippens/Stam als Risi/Betschart een ronde verdienen uitlopen op Gilmore/McGrory om kans op de overwinning te maken.

De finale koppelkoers komt langzaam op gang, de topkoppels houden elkaar goed in de gaten. Slippens/Stam openen het bal, maar worden teruggepakt, waarna direct Risi/Betschart aanzetten en wel slagen een ronde te pakken. Daarmee komen ze alleen aan de leiding, maar dat is tijdelijk, de andere twee komen terug. Als Risi/Betschart en Slippens/Stam nog een keer rondrijden hebben Gilmore/McGrory meer moeite om opnieuw terug te komen. Bij een volgende tempoversnelling van Risi/Betschart weten alleen Slippens/Stam nog te volgen. Risi/Betschart blijven aanvallen, want ze weten dat ze te weinig punten hebben om daarmee te kunnen winnen. Slippens/Stam weten steeds te counteren, terwijl Gilmore/McGrory moeten passen. Ook de ultieme aanval van Risi op 20 ronden van het eind strandt snel, en het is duidelijk dat niets de eindzege van Robert Slippens en Danny Stam meer in de weg kan staan. In de laatste ronden rijden ze weg uit het peloton. Terwijl Robert Slippens de wedstrijd afmaakt rijdt Danny Stam al twee ronden voor het eind juichend in de rondte.

Het Velodrome staat op zijn kop, de overwinning van de thuisrijders wordt uitzinnig gevierd. Het is hun tweede Zesdaagse-overwinning, na Bremen in februari van dit jaar

 

Voorgaande editie: 2002

Tot het eind toe hebben Robert Slippens en Danny Stam meegestreden om de eindzege in de Tiende Zesdaagse van Amsterdam. Op de eindstreep werden ze met nipt verschil geklopt door het zeer ervaren Italiaanse koppel Silvio Martinello/Marco Villa.

 

Voorgaande editie: 2001

De Zesdaagse was meer dan 30 jaar weggeweest uit Amsterdam en bijna 15 jaar uit Nederland. Na vele jaren lobbyen bij de politiek werd in 1998 de piste van de wielerbaan Sloten overdekt en kon het Velodrome Amsterdam geopend worden. Na een drietal jaren ééndaagse internationale evenementen te hebben georganiseerd achtte het Velodrome Amsterdam in september 2001 de tijd rijp voor de terugkeer van de Zesdaagse. Alhoewel de afwezigheid van verwarming in de hal voor één jaar nog een minpuntje was, viel er voor de rest weinig op aan te merken. De internationale wielerunie UCI plaatste nauwelijks kanttekeningen en van de 200 te behalen punten kreeg Amsterdam er 195. Uiteraard lag de munitie om de Zesdaagse te torpederen voor het oprapen. Maar eenmaal binnen wonnen warmte en sfeer het van scepsis en somberheid. Zes nachten lang genoten duizenden enthousiaste wielersupporters van de intieme sfeer op de Amsterdamse wielerbaan. Met de polonaise op de Amsterdamse avond, meeswingend publiek bij Lee Towers, Anita Meyer en Gordon, opzwepende muziek bij de cruciale wielermomenten en bovenal wielersport van ongekend hoog niveau.

"Amsterdam heeft mij verbaasd" gaf internationaal wedstrijdleider Patrick Sercu, zelf goed voor 88 Zesdaagse-zeges, aan. "Organisatorisch was het in orde. De renners zorgden voor spectaculaire wedstrijden en het publiek heeft dat goed opgepakt. Na de gebeurtenissen in New York en Washington had ik even schrik dat de hal wel eens een avond leeg zou zijn, maar de tribunes werden juist steeds voller. In 2002, met een verwarmde hal en enkele wegrenners aan de start, zal het alleen maar drukker worden. Ik denk dat Amsterdam een vaste plek op de Zesdaagse-kalender heeft veroverd". De Australische Olympisch kampioen Scott McGrory, die samen met koppelgenoot Matthew Gilmore de Zesdaagse won, was ook tevreden en keek al uit naar de editie van 2002. "De organisatie heeft voor een allereerste Zesdaagse in deze hal perfect werk geleverd. Alle renners waren enthousiast. Zeker over de baan. Die heeft met 200 meter een ideale lengte en is goed egaal. Daarnaast spreekt de sfeer aan!!" De mooiste typering kwam echter uit het Haarlems Dagblad van journalist Fred Segaar. Hij duidde de Zesdaagse met de kop: "Net als een kroeg". Dat is exact de doelstelling van de organisatie. Op de tribunes zitten de wielerkenners, het middenplein wordt bevolkt door het publiek dat het gevoel heeft in een bruine kroeg te staan en sponsors en genodigden bevolken de VIP-loges, alsof men in een grand café vertoeft.
 

Terugblik 2001

Dag 1

Na de openingsceremonie door wethouder Onno Peer vertrokken 12 koppels voor hun strijd over 6 dagen. Het veld bestond uit internationale Zesdaagse-topkoppels als Martinello/ Villa, Risi/Betschart, Gilmore/McGrory, de wereldkampioenen Steinweg/Weispfennig, Madsen/Hansen en de Nederlanderse youngsters Slippens/Stam. Aan het einde van dag één stonden vier koppels in dezelfde ronde met de Zwitserse routiniers Risi/Betschart aan de leiding.

Dag 2

De tweede dag bracht een aantal interessante wijzigingen. Het belangrijkste moment gebeurde in het laatste onderdeel van de avond. Robert Slippens won de afsluitende dernyrace en daarmee passeerde het Nederlandse koppel de 100 punten grens, goed voor één bonusronde. Hierdoor kwamen ze een ronde los van de concurrenten en stonden ze voor het eerst aan de leiding van een Zesdaagse.

Dag 3

Halverwege de Zesdaagse was het veld duidelijk gescheiden in twee groepen. De topgroep van 6 teams stond binnen één ronde afstand van elkaar. De tweede groep verslagen koppels stond op 5 tot 12 ronden. Slippens en Stam moesten de leiding afstaan aan Gilmore/ McGrory en ook de Italianen Martinello en Villa passerden hen in de algemene rangschikking.

Dag 4

Voor het eerst was de hal nagenoeg uitverkocht. Voordat er gestart werd verschenen de coureurs blootshoofds en met een zwarte rouwband aan de start. Er werd een minuut stilte in acht genomen in aansluiting op de drie minuten stilte die heel Europa 's middags om 12.00 uur betrachtte in verband met de gebeurtenissen in Amerika. Daarna gingen de helmen op en werden met nog drie dagen te gaan de kaarten geschud. Nog maar drie teams maakten kans op de eindoverwinning. De Italianen Martinello/Villa, de Zwitsers Risi/Betschart en het Belgisch-Australische koppel Gilmore/McGrory. De Nederlanders haakten nog net aan op één toer achterstand. De Duitse wereldkampioenen en de Denen Madsen/Hansen waren definitief op achterstand gezet. Met nog maar 5 minuten te gaan in de koppelkoers wisten de Italianen en Zwitsers hun ronde achterstand op Gilmore/McGrory goed te maken met een korte maar ultrasnelle jacht.

Dag 5

Slippens hield zijn duim en wijsvinger een centimeter van elkaar en vloekte binnensmonds. Nog nooit had hij op zaterdagavond de prestigieuze jacht gewonnen en nu voor eigen publiek verloor hij de finalesprint van Martinello. In een uitverkocht stadion bracht de tweede plaats Slippens en Stam echter wel terug bij de top-3. Het publiek genoot van wat de renners brachten en de atmosfeer was aanstekelijk goed.

Dag 6

Voor aanvang van de afsluitende finalekoppelkoers was de Zesdaagse nog door vier koppels te winnen. Vanaf de start waren de Nederlanders en de Zwitsers heel actief en slaagden er ook in om hun eerder op de dag opgelopen achterstand van één ronde weer goed te maken op de twee topteams. Zowel Slippens als Risi toonden hun grote klasse en aanvalslust aan het publiek. Maar in de finale over 50 ronden moesten ze in de puntensprints hun meerderen erkennen. Martinello/Villa en Gilmore/McGrory wisselden elke 10 ronden van koppositie, maar in de laatste sprint trokken de Belg en de Australi'r aan het langste eind en werden zij de gelukkige winnaars van de 9e Zesdaagse van Amster

Erelijst

1932     1e Zesdaagse van Amsterdam
1. Piet van Kempen-Jan Pijnen burg (Ned)     
2. Rausch-Hürtgen (Dui)      1 r   
3. Charlier-Deneef (Bel)      2 r   
4. John Braspenninx-Cor Wals (Ned)     3 r   
5. Broccardo- Wambst     
6. Jan van Kempen-Bogaert (Ned/Bel)    6 r  
7. Dinal-Jan van der Heijden (-/Ned)     
8. Göbel-Schorn (Dui)    

1933    2e Zesdaagse van Amsterdam
1. Jan Pijnenburg-Cor Wals (Ned)     
2. Broccardo- Deneef     
3. Rausch-Hürtgen (Dui)     
4. Braspenninx-Jan van Kempen (Ned)    1 r   
5. Guerra-Bresciani  (Ita) 
6. Aerts-Loncke (Bel)       4 r   
7. Vluggen-Müller       5 r   
8. Van Nek-Van Hout (Ned)      6 r   
9. Adam-De Wolf       7 r 

1934     3e Zesdaagse van Amsterdam
1. Broccardo-Guibretière     
2. Jan Pijnenburg-Jan van Kempen (Ned)    1 r   
3. Buysse-Oeneef (Bel)     
4. Schön-Hürtgen (Dui)     
5. Joop de Wolf-Jan van der Heijden (Ned)    2 r   
6. Braspenninx-Hill (Ned/Eng)     
7. Kees Pellenaers-Bogaert (Ned/Bel)    5 r  
8. Bresciani-Prieto (Ita     
9. Vroomen-Vroomen       9 r  


1936    4e Zesdaagse van Amsterdam 
1. Frans Slaats-Charlier (Ned/Bel)     
2. Jan Pijnenburg-Piet van Kempen (Ned)   1 r
3. Billiet-Deneef (Bel)     
4. Schön-Hürtgen (Dui)    
5. Ignat-Diot (Fra)     
6. Jan van Kempen-Cor Wals (Ned)     
7. Zims-Küster (Dui)     
8. Aerts-Buysse (Bel)    

1966  5e Zesdaagse van Amsterdam
1. Peter Post-Fritz Pfenninger (Ned/Zwi)   417 p
2. Freddy Eugen-Palle Lykke Jensen (Den)   250 p
3. Jan Janssen-Patrick Sercu (Ned/Bel)  1 r 193 p
4. Miel Severeijns-Jo de Roo (BellNed)  6 r 186 p
5. Wilfried Peffgen-Wolfgang Schuze (Dui)  7 r 273 p
6. Romain Deloof-Norbert Seeuws (Bel)  9 r 322 p
7. Gerard Koel-Harry Steevens (Ned)   22 r 193 p
8. Robert Lelange-Piet van der Lans (Bel/Ned) 23 r 127 p
9. Jaap Capteijn- Jean Raynal (Ned/Fra)  35 r 236 p


1967    6e Zesdaagse van Amsterdam   
1. Palle Lykke Jensen-Freddy Eugen (Den)       141 pt   
2. Jo de Roo-Fritz Pfenninger (Ned/Zwi)    1 r       288 pt   
3. Sigi Renz-Romain Deloof (Dui/Bel)    2 r    355 pt   
4. Jan Janssen-Gerard Koel (Ned)     5 r        221 pt   
5. Leo Duijndam-Giuseppe Beghetto (Ned/Ita)6 r     270 pt   
6. Noël Foré-Theo Verschueren (Bel)        161 pt   
7. Gerben Karstens-Miel Severeijns (Ned/Bel)  12 r     222 pt   
8. Rinie Wagtmans-Ron Baensch (Ned/Austr)   19 r     138 pt   
9. Cor Schuuring-Gerard Vianen (Ned)      44 r     331 pt   
10. Bart Zoet-Henk Nijdam (Ned)       56 r     188 pt  


1968    7e Zesdaagse van Amsterdam   
1. Jan Janssen-Klaus Bugdahl (Ned/Dui)       290 pt (afstand 1921,582 km)   
2. Peter Post-Leo Duijndam (Ned)      1 r       548 pt   
3. Palle Lykke Jensen-Freddy Eugen (Den)        254 pt   
4. Rudi Altig-Sigi Renz (Dui)         222 pt   
5. Dieter Kramer-Horst Oldenburg (Dui)        158 pt   
6. Gerard Koel-Piet de Wit (Ned)     12 r      300 pt   
7. Romain Deloof-Miel Severeijns (Bel)    13 r      233 pt   
8. Giuseppe Beghetto-Louis Pfenninger (Ita/Zwi) 38 r 166 pt   
9. Ron Baensch-Bill Lawrie (Austr)     81 r      157 pt  

1969    8e Zesdaagse van Amsterdam   
1. Peter Post-Romain Deloof (Ned/Bel        436 pt   
2. Klaus Bugdahl-Dieter Kemper (Dui)       180 pt   
3. Gerard Koel-Piet de Wit (Ned)      5 r 372 pt   
4. Harm Ottenbros-Sigi Renz (Ned/Dui)        225 pt   
5. Graem Gilmore-Bill Lawrie (Austr)     6 r   285 pt   
6. Horst Oldenburg-Leijn Loevesijn (Dui/Ned)    11 r      327 pt   
7. Wolfgang Schulze-Harry Jansen (Dui/Ned)    13 r        27 pt   
8. Jiri Daler-Louis Pfenninger (Tsje/Zwi)     22 r      251 pt   
9. Albert van Midden-Piet van der Lans (Ned)       27 r      386 pt  

9e Zesdaagse van Amsterdam 11/09-16/09/2001 Ronden  Punten
1. Matthew Gilmore – Scott McGrory (AUS)  0  354 
2. Silvio Martinello – Marco Villa (ITA)  0  351 
3. Robert Slippens – Danny Stam (NED)  0  301 
4. Bruno Risi – Kurt Betschart (ZWI)  0  276 
5. Stefan Steinweg – Erik Weispfennig (DUI)  2  213 
6. Jimmi Madsen – Jimmy Hansen (DEN)  4  198 
7. Jean-Pierre van Zijl (ZAFR) – Frank Corvers (BEL)  11  219 
8. Martin Liska – Josef Zabka (SLO)  15  72 
9. David Hubschwerlin (FRA) – Francis de Jager (NED)  17  73 
10. John den Braber (NED) - Mario Vonhof (DUI)  22  104 
11. Lorenzo Lapage - Wouter van Mechelen (BEL)  23  161 
12. Keiji Yoshi (JPN) – Gerd Dörich (DUI)  24  62

10e Zesdaagse van Amsterdam 21/10-26/10/2002 Ronden Punten
1. Silvio Martinello – Marco Villa (ITA)  0  361 
2. Danny Stam - Robert Slippens (NED)  0  351 
3. Matthew Gilmore (BEL) – Scott McGrory (AUS)  0  312 
4. Bruno Risi – Kurt Betschart (ZWI)  0  286 
5. Jimmi Madsen (DEN) – Marty Nothstein (USA)  3  300 
6. Jean- Pierre van Zijl – Robert Hunter (RSA)  5  221 
7. Servais Knaven – Leon van Bon (NED)  5  202 
8. Gerd Dörich (DUI) – Franz Stocher (OOST)  5  149 
9. Robert Sassone (FRA) – Roland Garber (OOST)  6  105 
10. Mario Vonhof (DUI) – Francis de Jager (NED)  12  136 
11. Matthé Pronk – Jos Pronk (NED)  16  100 
12. Lorenzo Lapage – Filip Meirhaeghe (BEL)  19  46 
13. Tony Gibb (ENG) – Wilco Zuijderwijk (NED)  21  90


11e Zesdaagse van Amsterdam 20/10-25/10/2003 Ronden Punten 
1. Robert Slippens – Danny Stam (NED)  0  348 
2. Bruno Risi – Kurt Betschart (ZWI)  0  302 
3. Matthew Gilmore (BEL) – Scott McGrory (AUS)  2  352 
4. Andreas Kappes – Andreas Beikirch (DUI)  3  237 
5. Jean-Pierre van Zyl (RSA) – Robert Sassone (FRA)  12  211 
6. Matthé Pronk – Jos Pronk (NED)  13  145 
7. Max van Heeswijk (NED) – Marty Nothstein (USA)  16  232 
8. Bradley Wiggins – Robert Hayles (ENG)  22  105 
9. Franz Stocher (OOST) – Aart Vierhouten (NED)  22  74 
10. Marco Villa – Ivan Quatanta (ITA)  28  146 
11. Francis de Jager (NED) – Gerd Dörich (DUI)  29  69 
Abd. Jimmi Madsen – Michael Sandstød (DEN)  -  -

 12e Zesdaagse van Amsterdam18/10–23/10/2004 Ronden Punten
1. Robert Slippens – Danny Stam (NED) 0 397
2. Bruno Risi – Kurt Betschart (ZW) 0 302
3. Scott McGrory (AUS) – Franco Marvulli (ZWI) 1 379
4. Matthew Gilmore (BEL) – Franz Stocher (OOST) 2 180
5. Marco Villa – Giovanni Lombardi (ITA) 4 218
6. Aart Vierhouten (NED) – Andreas Beikirch (DUI) 5 188
7. Matthé Pronk – Jos Pronk (NED) 6 202
8. Jimmi Madsen (DEN) – Max van Heeswijk (NED) 14 160
9. Peter Schep (NED) – Steven Deneef (BEL) 16 135
10. Iljo Keisse – Wouter van Mechelen (NED) 18 222
11. Francis de Jager – Jens Mouris (NED) 19 225
12. Gerd Dörich – Christian Grassmann (DUI) 23 41


13e Zesdaagse van Amsterdam 17/10–22/10/2005 Ronden Punten
1. Bruno Risi – Kurt Betschart (Zwi) 0 327
2. Robert Slippens – Danny Stam (NED) 0 325
3. Matthew Gilmore – Iljo Keisse (BEL) 0 319
4. Marco Villa (ITA) – Franco Marvulli (ZWI) 1 312
5. Scott McGrory (AUS) – Peter Schep (NED) 1 218
6. Robert Hayles (ENG) – Juan Llaneras (SPA) 7 147
7. Matthé Pronk – Jos Pronk (NED) 12 117
8. Jimmi Madsen (DEN) – Max van Heeswijk (NED) 13 121
9. Jens Mouris – Aart Vierhouten (NED) 19 113
10. Wouter van Mechelen – Dimitri Defauw (BEL) 24 272
11. Niki Terpstra – Wim Stroetinga (NED) 24 206
Abd. Robert Bartko - Andreas Beikirch (DUI) - -

14e Zesdaagse van Amsterdam 16/10–21/10/2006 Ronden Punten
1 Danny Stam – Peter Schep (NED) 0 332
2 Juan Llaneras – Isaac Galvez (SPA) 0 178
3 Bruno Risi – Franco Marvulli (ZWI) 1 380
4 Iljo Keisse (BEL) – Andreas Beikirch (DUI) 1 283
5 Michael Mørkøv – Alex Rasmussen (DEN) 6 240
6 Aart Vierhouten (NED) – Alexander Aeschbach (ZWI) 9 144
7 Matthé Pronk – Jos Pronk (NED) 11 110
8 Wim Stroetinga – Niki Terpstra (NED) 18 134
9 Dimitri Defauw – Wouter van Mechelen (BEL) 19 277
10 Jens Mouris (NED) – Marc Hester (DEN) 22 135
11 Bobbie Traksel (NED) – Gerd Dörich (DUI) 31 78

15e Zesdaagse van Amsterdam 22/10–27/10/2007 Ronden Punten
1. Iljo Keisse (BEL) – Robert Bartko (DUI) 0 352
2. Robert Slippens – Danny Stam (NED)  0 348
3. Peter Schep (NED) – Erik Zabel (DUI) 0 256
4. Bruno Risi – Franco Marvulli (ZWI) 1 327
5. Andreas Beikirch – Leif Lampater (DUI) 4 128
6. Juan Llaneras – Carlos Torrent (SPA) 5 108
7. Jens Mouris – Niki Terpstra (NED) 7 167
8. Kenny de Ketele (BEL) – Wim Stroetinga (NED) 14 179
9. Matthé Pronk (NED) – Marc Hester (DEN) 17 123
10. Aart Vierhouten – Kenny van Hummel (NED) 23 76
11. Jan Pronk – Bas Giling (NED) 25 85
12. Bobbie Traksel – Hans Dekkers (NED) 30 62

16e Zesdaagse van Amsterdam 2008 20/10 - 25/10/2008 
1. Robert Slippens - Danny Stam (Ned) 280 p 
2. Erik Zabel - Leif Lampater (Dui) 277 p 
3. Iljo Keisse - Robert Bartko (Bel/Dui) op 1 r 329 p 
4. Bruno Risi - Franco Marvulli (Zwi) 271 p 
5. Peter Schep - Jens Mouris (Ned) op 2 r 154 p 
6. Leon van Bon - Wim Stroetinga (Ned) op 7 r 123 p 
7. Paolo Bettini - Juan Llaneras (Ita/Spa) 118 p 
8. Kenny DeKetele - Tm Mertens (Bel) op 9 r 166 p 
9. Matthé Pronk - Jos Pronk (Ned) op 10 r 56 p 
10. Pim Ligthart - Jeff Vermeulen (Ned) op 16 r 100 p 
11. Marc Hester - Bas Giling (Den/Ned) op 17 r 109 p 
12. Kenny v Hummel - Andreas Beikirch (Ned/Dui 86 p 
13. Daniel Musiol - Aart Vierhouten ((Dui/Ned) op 24 r 52 p

17e Zesdaagse van Amsterdam 2009 19/10 - 24/10/2009
1. Robert Bartko – Roger Kluge 1 rnd 264 pnt 
2. Bruno Risi – Franco Marvulli 1 rnd 250 pnt 
3. Danny Stam – Leif Lampater 1 rnd 235 pnt 
4. Kenny De Ketele – Iljo Keisse 1 rnd 216 pnt 
5. Theo Bos – Peter Schep 11 rnd 226 pnt 
6. Leon van Bon –  Wim Stroetinga 11 rnd 138 pnt 
7. Jos Pronk –  Matthé Pronk 13 rnd 79 pnt 
8. Pim Ligthart – Jeff Vermeulen 15 rnd 107 pnt 
9. Aart Vierhouten – Jens Mouris 16 rnd 66 pnt 
10. Geert-Jan Jonkman – Arno van der Zwet 23 rnd 36 pnt 
11. Sebastian Donadio – Elia Viviani 27 rnd 107 pnt 
12. Bobbie Traksel – Tim Veldt 29 rnd 130 pnt 
13. Kenny van Hummel – Marc Hester 30 rnd 72 pnt 
14. Michael Vingerling –  Nick Stöpler 32 rnd 36 pnt 
15. Ismael Kip – Roy Pieters 34 rnd 53 pnt

Zesdaagse uitleg

  • Wat is een zesdaagse
  • Wedstrijdonderdelen
  • De baanfiets nader bekeken
  • Historie
  • Archief
  • Home/
  • Over ons/
  • Sportinfo/
  • Tickets/
  • Media/
  • VIP/
  • Sponsoren/
  • Zesdaagse uitleg/
  • Contact/
  • Sitemap
6 daagse Amsterdam © 2011 / Bratpack internetdiensten